De vrijstelling voor vrijstaande bijgebouwen
Een vrijstaand, niet voor bewoning bestemd bijgebouw, zoals een carport, tuinhuis, garage of berging, is in Vlaanderen vrijgesteld van omgevingsvergunning als je aan alle onderstaande voorwaarden samen voldoet.
De totale oppervlakte blijft onder 40 m² per perceel, waarbij je alle bestaande vrijstaande bijgebouwen meetelt. De hoogte blijft onder 3,5 meter. In de zijtuin blijf je minstens 3 meter van de perceelsgrenzen; in de achtertuin tot op 1 meter van de grens, of tegen de grens als je tegen een bestaande scheidingsmuur bouwt die je niet wijzigt.
Daarnaast mag het hemelwater dat op het bijgebouw valt niet van het perceel afgevoerd worden, en geldt de vrijstelling enkel voor niet-bewoonbare functies zoals opslag.
Wanneer heb je wel een vergunning nodig?
Zodra je boven de 40 m² gaat, hoger bouwt dan 3,5 meter of niet aan de afstandsregels voldoet, is een omgevingsvergunning vereist (of een melding waar die van toepassing is).
Let op bij een poolhouse: zodra je die inricht om in te verblijven, met een leefruimte of keuken, valt ze niet onder de vrijstelling voor bergende bijgebouwen en is doorgaans een vergunning nodig. Een poolhouse die vooral dient om te bergen (pomp, filter, kussens) kan wel onder de vrijstaande-bijgebouwregels vallen.
Wat veranderde er op 1 maart 2026?
Sinds 1 maart 2026 (na een besluit van de Vlaamse Regering van 6 februari 2026) zijn bijgebouwen die je aan je woning aanbouwt, zoals een aanbouwveranda, niet langer meldingsplichtig maar vergunningsplichtig. Voor vrijstaande bijgebouwen zijn er geen wijzigingen aan de vrijstelling.
Met andere woorden: een vrijstaande carport of overkapping volgt nog steeds de regels hierboven, terwijl een constructie die je vast tegen de gevel bouwt nu onder de vergunningsplicht valt.
Hoe WoPa je hierbij helpt
Tijdens het plaatsbezoek bekijken we samen je perceel en je plannen, en toetsen we of je binnen de vrijstelling valt. We kunnen ook het ontwerp daarop afstemmen, bijvoorbeeld door binnen de 40 m² of onder 3,5 meter te blijven.
De uiteindelijke beslissing ligt altijd bij je gemeente. Twijfel je, of zit je dicht bij een grenswaarde? Dan vraag je het best na bij de dienst omgeving van je gemeente, of je dient een aanvraag in.